Vanochtend gaan Nelle en ik per taxi naar Bhaktapur (Bhaggaon). Het is nog
een flink stuk rijden. De taxichauffeur had ons al gewaarschuwd voor de entree
prijs, 750 roepies of $10,- We besluiten een gids te nemen en vinden een student
die goed Engels spreekt. Hij vraagt $10,- Ik kijk hem meewarig aan en geef hem
te kennen dat 100 roepies meer dan genoeg is (advies van onze taxichauffeur).
Hij kijkt beteuterd en na enig onderhandelen maken wij het af op 150 roepies.
Rustig bekijken wij alle pracht en praal van de tempels, de gezellige steegjes
en de talrijke souvenier winkeltjes. Eerst vertelt de gids de belangrijkste
dingen van het dorp en laat ons de hoogtepunten zien.
Op Durbar Square
staat het paleis met de 55 vensters. Men komt hier binnen via de Gouden Poort
(Sundhoka). Twee olifanten bewaken de Batsalatempel met zijn bronzen bel. Recht
hier tegenover staat de zuil met een beeld van koning Bhupatindra Malle met de
handen gevouwen. Chyasilin Mandap is een achtkantig tempeltje. De terracotta
Siddhilakshimitempel is opgetrokken in Indiase Sikhara stijl, maar staat op een
Nepalese onderbouw van terassen. Op het Taumadi Thole plein staat de grootste en
mooiste (?) Nyatapolatempel met vijf terrassen. Een andere drie daken tellende
pagode is de Bhairavnatempel. Rondom het Tachapal Tol plein liggen diverse
Hindoe kloosters; centraal staat de Dattatrayatempel.
En passant worden wij
een thangka shop ingeloodst. Toegegeven, het schilderwerk ziet er prachtig uit.
We maken enkele foto's en voorzichtig maken wij de eigenaar duidelijk dat wij
niets zullen kopen. Hij is duidelijk zwaar teleurgesteld. Als wij het pand
verlaten, komt een nieuw groepje toeristen binnen. Het zal wel loslopen met zijn
verdiensten. Samen drinken wij een colaatje in een pagode-achtig restaurant
midden op hete grote plein. Daarna nemen wij afscheid van de gids en lopen de
route opnieuw, maar nu met wat meer oog voor de kleinere dingen, toeristische
attracties en smalle steegjes. Die zijn vaak het meest interessant. Natuurlijk
ook nog wat hebbedingetjes gekocht.
Er wordt hier veel aan pottenbakken gedaan. Daarvoor bezoeken wij het
Khumha Twa plein. Van kleine beeldjes tot grote kruiken. Sommige liggen in de
zon te bakken, sommige worden uit de gloeiende as van een houtvuur geschept. We
lopen tot in de buitenwijken, waar wij geen toeristen meer zien en besluiten dan
huiswaarts te gaan. We moeten de thuisreis gaan voorbereiden, want morgen gaan
wij naar huis. Maar vooral niet te snel. Eerst nog even ergens wat drinken.
Oh ja, In onze kamer horen wij 's nachts beestjes tussen het plafond
lopen. Ratjes of muizen, misschien wel andere griezels. Ik inspecteer het
plafond terdege op spleten en gaten, maar alles schijn dicht te zijn.
Uiteindelijk hebben wij gelukkig geen beest gezien. Afin nog een nachtje.